Make your own free website on Tripod.com

banner.JPG (13650 bytes)

 

Het onstaan van de APC's

De tank werd ontworpen om de loopgravenoorlog in het Westen te beëindigen tijdens Wereld Oorlog I. Zijn belangrijkste functie was het doorbreken van vijandige linies en de weg vrij maken voor de achterkomende infanterie.  Sommige ontworpen konden deze verlangens uitvoeren, maar de overgrote meerderheid van de ontwerpen had een te trage snelheid of  had een slechte mechaniek. De vijand kon daardoor snel zijn linies verstevigen met reserver troepen waardoor aanvallen met tanks eerder negatief uitvielen. De infanterie had geen enkel probleem met het volgen van de tanks tijdens de aanval, maar was onbeschermd en incasseerde vele slachtoffers.  Met het Engelse ontwerp voor een troop carrier, de Mark IX carrier, was het mogelijk vijftig soldaten te verplaatsen in een gepantserd voertuig. Dit project was nog in de prototype fase op het einde van de oorlog.

Tussen de twee oorlogen werd de tank een belangrijk deel van de legers. De tactiek die toegepast werd was daarentegen zeer verschillend. In de jaren '30 onstonden 3 speciale scholen. Het Britse leger was aan het experimenteren met nieuwe tactieken. De Fransen gebruikten dezelfde tactieken als die van hun infanterie. De Duitse school experimenteerde met een mengeling van tanks, gemotoriseerde infanterie en steun eenheden. Al deze eenheden moesten gemotoriseerd zijn en allemaal de zelfde snelheid hebben in het terrein. Deze eenheden moesten allemaal gepantserd zijn zodat ze de tanks van dichtbij konden volgen zonder dat ze daardoor veel verliezen leden.

Deze theorie werd in het geheel goed aanvaard in Duitsland, maar de uitvoering ervan was een andere zaak. Er werd een hoge tol geëist van de Duitse industrie, die de vraag naar nieuwe tanks en troop carriers niet kon bijhouden. Daardoor werden de eerste Leichte divisies en de Panzer Divisies uitgerust met gewone trucks voor hun infanterie eenheden. Het was juist voor Wereld Oorlog Twee dat het Duitste leger uitgerust werd met de troop carriers. Zelfs later, tijdens de oorlog was er steeds een tekort aan APC (armoured personal carrier), waardoor slechts één infanteriebattalion van elke Panzer Divisie kon uitgerust worden met deze APC's.

Tijdens de productie van de APC werd het al gauw duidelijk dat een gewoon voertuig nooit dezelfde snelheid zou halen in het terrein als de tanks. Maar de Duitsers hadden goede ervaringen met halfrupsvoertuigen, die gebruikt werden om hen kannonen te trekken.   De ervaringen met deze voertuigen leidde in 1934 en 1935 tot de ontwikkeling van enkele prototypes. Deze prototypes hadden een koepel met een 3.7cm of  7.5cm kanon, die oorspronkelijk bedoeld waren voor de tankvernietigers eenheden. Er werd grote interesse getoond voor deze projecten maar er was een te grote vraag naar tanks, die noodzakelijk waren voor de Whermacht. Een 3 tons halfrupsvoertuig werd ontwikkeld door Hansa-Lloyd-Goliath Werke A.G. uit  Bremen in 1933.  Het eerste prototype uit 1934 had een 6-cylinder Borgward 3.5 liter motor en werd HL KI 2 genoemd. De eigenlijke productie startte in 1936 met de HL KI 5, er werden er 505 van gebouwd. Verschillend prototypes werden gebouwd met de motor archteraan in het voertuig. Maar de uiteindelijk versie, de HL KI 6, verscheen in 1938. Het had een Maybach motor en werd in grote aantallen geproduceerde onder de naam Sd.kfz 11.  Het was de basis APC  met een capaciteit van 10 man, de bevelhebber en de bestuurder.

Hanomag uit Hannover kreeg de opdrach het onderstel te bouwen voor de Sd.kfz 11, waarop dan een gepantserde structuur zou gezet worden door Bussing-NAG uit Berlijn-Oberschoneweide.  Met enkele kleine wijzigingen in het chassis, verschenen de eerste "Gepanzerte Mannschafts Transportwagen" in 1938.  De 1ste Panzer Divisie uit Weimar kreeg de eerste Sd.kfz 251's in de zomer van 1939. Maar er waren er slechts genoeg om er één companie van het infanterieregiment mee uit te rusten. Er werden 232 Sd.kfz 251's gebouwd in 1939,  337 in 1940. Productie bereikte 1000 voertuigen in 1942 en een maximum van 7785 Sd.kfz 251's in 1944.

Verschillende firma's werden aangesproken voor de bouw waaronder Adler, Auto-Union en Skoda voor het chassis en de gepantserde bovenbouw bij Ferrum, Schoeller & Beckmann en Steinmuller, de afwerking gebeurde bij Wesserhutte, Wumag en F.Schichau.
Tijdens de oorlog werden er 15252 Sd.kfz 251's gebouwd in 4 verschillend uitvoeringen en 23 varianten. De Sd.kfz 251 was de meest gebouwde APC. Ze was verantwoordelijk voor de grote succesen van de Panzer Divisies in het begin van de oorlog.

Na de oorlog bleven Skoda en Tatra de Sd.kfz 251 produceren voor het Tjechoslovaakse leger onder de naam OT-810, met een Tatra 8-cylinder diesel motor en een volledige dichte gepantserde bovenbouw.

Go Back

 

Copyright Simon Vosters 1999-2000 ®